Auteursarchief: De Rijks Voorlichtingsdienst

Over De Rijks Voorlichtingsdienst

Ik ben iemand die veel bongoot, denkt, fietst, drinkt, lult, voelt, piekert, lacht, rijdt, loopt, mailt, belt, sport, eet, leest, baalt, boodschappen doet en nog een paar dingen waarover we het nu niet gaan hebben.

Een kroegvriend, kroegvrienden, vriend, vrienden…

Een kroegvriend kende je voor die tijd nog niet.
Hij komt vanaf een bepaald moment zomaar ineens in dezelfde kroeg, jouw stamkroeg, en bij herhaling.
Kennelijk voelt hij iets bij die kroeg, zoals jij dat ooit ook ging voelen.
Pas na een tijd spreek je elkaar dan maar eens, door toeval of omdat er inmiddels aansluiting is gekomen via een andere kroegvriend.
Je denkt er niet veel van want hoeveel types heb je in die bijna 40 jaar dat je er komt niet al gesproken en ook mee gezopen in je stamkroeg, random types.
Na de nodige in bier gedrenkte etappes begint er gesnuffel, beetje vriendelijk mannetjes gesnuffel.
Het wordt wat persoonlijker.
Je wordt voorgesteld aan de partner van je toekomstige kroegvriend, en hij aan de jouwe, en zij aan elkaar.Je vindt elkaar over en weer leuk, het zuipen en lullen gaat vanzelf, de onbewuste ballotage gaat geruisloos.
Ook na flink zuipen blijft het leuk met je toekomstige kroegvriend.
Niemand gaat onnodig hard praten, opscheppen, opzichtig rondjes geven, bijdehand doen tegen anderen, laat staan tegen je partners, dom roddelen, je eruit sjanghaien met afrekenen.
Bij een volgende etappe vind je het meteen leuk om elkaar te zien, maar je gaat ook niet overdreven amicaal doen.
De gesprekken verdiepen zich her en der.Je scheelt maar een goede week in leeftijd.
Er begint iets van opscheppen, of tenminste bevestigen dan wel ontkennen wat andere kroegvrienden over je gezegd hebben waar je niet bij bent geweest.
Er wordt in dronkenschap iets beloofd en dat wordt later ogenschijnlijk achteloos nagekomen, of er wordt tenminste op terug gekomen.
Je kroegvriend blijkt Feijenoord fan en als die van Ajax gewonnen hebben laat ‘ie (in z’n onder een trui aangetrokken Feijenoord shirt) champagne schenken in jouw stamkroeg, voor iedereen, inderdaad in #dekroegderkroegen, midden in de Jordaan.
Je kroegvriend is gewoon een geweldige gast, niet de volgende semi bijdehante lamlul met een kroegtijger reputatie complex, en eigenlijk een drankprobleem, al dan niet in combinatie met andersoortig psychiatrisch ego gedoe.
Wie je kroegvriend ook bij heeft, het zijn altijd óók leuke mensen.
Met hem kun je lachen, oprecht belangstelling naar elkaar tonen, over maatschappelijke zaken debiteren, het oneens zijn, op dingen terug komen en hilarisch dronken worden.
Met je kroegvriend kun je zoals met je ‘echte’ vrienden traploos schakelen tussen allerlei mentale versnellingen.
Zoals met je andere echte kroegvrienden geef je elkaar naar verloop van tijd en bier een zoen bij weerzien, een stevige hug en een echte mannenzoen, gewoon omdat dat goed voelt, een extraatje bij het genot vanwege het spontaan weerzien.
Je kroegvriend blijkt ook sponsor te zijn van Het Zwanenkoor, en niet zomaar sponsor maar serieus sponsor.
Het wordt na een paar jaar tijd dat je kroegvriend gewoon ‘vriend’ wordt.
Dat betekent dat je elkaar ook buiten de stamkroeg gaat treffen, bij elkaar thuis, bij concerten, in het stadion, desnoods bij Ajax – Fijenoord…
Dan moet ‘ie geopereerd worden en daar komen complicaties bij.
En zomaar ineens is ‘ie er niet meer, je kroegvriend.
Hij is overleden.
Er is iemand gegaan waar we er méér van zouden moeten hebben in plaats van minder.
Op z’n rouwkaart staat o.a.:
“We’re not in control of life.Life controls us.”
Dat klopt, maar het is genadeloos, en het doet enorm pijn en we gaan hem vreselijk missen, onze machtig mooie vriend Franco Jansen. (Links op de foto)

Agility…

18-09-20…

Laatst was ik bij een congres van een grote organisatie waar het ging over ‘werken’ en ‘managen’.
Al een tijdje hoor/lees ik over ‘agility’ en ‘agile werken’ als een nieuw mantra om alles beter te laten lopen.
Ook op dit congres ontvouwde zich een soort geloofsbelijdenis voor het voornoemde fenomeen.

Als je er op zoekt krijg je dit soort dingen te zien:
“Wat is Agile?Behendig en lenig. Dat zijn de letterlijke vertalingen van Agile. Agile is dan ook een aanpak waarbij behendigheid voorop staat. Het team dat een project uitvoert door middel van een Agile-aanpak gaat ervan uit dat de omstandigheden tijdens het project veranderen, weet hier op in te spelen en zorgt er zo voor dat het eindresultaat niet in gevaar komt. Lenig toch?”

Ik ben agile geboren, zo is inmiddels m’n vaste overtuiging en ook te zien op de bijgevoegde foto uit een tijd die reeds lang achter ons ligt.
Als je als free-lance muzikant en muziek producent niet structureel behendig, wendbaar en lenig etc.. bent -zo agile als wat dus- dan had je al lang gewerkt voor het soort organisaties die er de laatste jaren achter komen dat we allemaal de gospel van de agility moeten incorporeren in onze work flow, in onszelf.

In de kern gaat het over een ‘Jazzmind’ en daar zei ik in 2013 voor een promofilmpje het volgende over
:’A Jazzmind is about building up competence & skills. It’s about making plans with your life and know that these plans will evolve differently. You’ll have to deal with ever changing circumstances, you’ll have to tolerant, flexible and you’ll have to improvise to keep yourself and everyone around you happy’.

Dus wie agile les wil, of een agile (homestudio) session of een agile muziek productie, of een workshop over ‘flow & agility deluxe’, ik ben er helemaal klaar voor! (Mee uit eten nemen mag ook)
Contactinfo genoegzaam bekend, naar ik aanneem.
Zo niet: http://www.jeroenderijk.comhttp://www.baileo.nl

Corona, de mindfuck…

Augustus 2020…

Vandaag kreeg ik wat zorgelijke berichten over collega muzikanten die het langzamerhand serieus te kwaad beginnen te krijgen vanwege de mindfuck die corona óók is, de angst voor het virus als zodanig, de zorgen om geld en optredens.
Zwaarmoedigheid, overspannenheid, al dan niet psychomatische gezondheidsklachten, dat werk.
Het lukt mij zeker ook niet ‘makkelijk’ om de geest immer soepel en opgewekt te houden, en al helemaal niet op afroep.
Toegeven en tegelijk rust bewaren -het ‘keep breathing’ beginsel- helpt me.
Laat de zwaarte toe, verzet je er niet teveel tegen want dan heb je 2 problemen, 2 energie slurpers.
Dat zeg ik ook al jaren over wakker liggen ‘maak je er niet druk om want dan heb je twéé problemen in plaats van één’.
Wees aardig voor jezelf, probeer te genieten van wat goed is, belangenloze oprechte vriendschap, een lekker briesje, vlinders, lekker eten en drinken, lach gul als het even kan.
Knal er op los op FB en alle andere zogenaamd sociale media, maar praat vooral ook met echte mensen, uit je echt.
Ik voel soms verkapte en beklemmende eenzaamheid in posts, dat doet me pijn.
Laat de ‘echte’ media goeddeels voor wat het is, een opportune informatiemachine vol eigenbelang.
Laat ze lullen, al die types die hoegenaamd belangwekkende dingen zeggen met een camera voor hun neus.
Zij weten het ook niet.
Neem kennis van wat de mensheid in zoveel duizenden jaren al doormaakt heeft.
Ik heb veel aan wat ik al zeker 30 jaar ‘de wet van Maup Caransa’ noem.
Hij zei ooit in een interview dat ‘ie van het leven -onder andere als kampslachtoffer en later door criminelen ontvoerde- had geleerd dat je nooit ‘een voorschot op je sores’ moet nemen.
Maar goed, ook ik ben af en toe doodmoe van niks, en eigenlijk dus van de mindfuck, dat continue bewustzijn van het gevaar, het boksen in het donker, de onzekerheid.
Soms ga ik op de bank liggen, soms ga ik het racefietsje op, oude fotos bekijken en analyseren, soms is het gewoon wachten tot het over is.
Ook zo’n mooie: ‘Als je geschoren wordt moet je stil zitten’.
Ik ga nu een mug naar gene zijde helpen en slapen.
Morgen een APK tegemoet, je begrijpt, een jaarlijks hoogtepunt.
#coronaangst#geestelijkegezondheid

A Real Mother For Ya…

23 Juli 2020…

Om een aantal redenen is wat mij betreft de tijd rijp om op dit medium bekend te maken dat de dame op de foto van oktober j.l. -mijn 81 jarige moeder- op 5 juni j.l. een hersen infarct heeft doorgemaakt.
Al die tijd ben ik als enig kind in de weer met allerlei instanties, dokters, verpleegkundigen, therapeuten, familie, vrienden, buren enzo meer.
Dat gaat deels telefonerend en mailend, maar ook ben ik regelmatig voor allerlei vormen van overleg in Roosendaal geweest, met name in het revalidatie centrum waar ze sinds 10 juni vertoeft.
Daarvoor lag ze op de zogenaamde ‘stroke unit’ in een ziekenhuis in Bergen op Zoom.
De goede opletters hebben recentelijk een meer dan normale hoeveelheid berichten uit die omgeving van m’n jeugd gezien, de oorzaak van het op/neer rijden heb ik tot nu uit zicht gelaten.

M’n moeder heeft inmiddels gelukkig voor haar al best wat herstel kunnen beleven, maar haar toestand is verre van ideaal.
Van de eerste weken weet ze helemaal niets meer, anders dan wat haar verteld is.
Sinds gisteren is duidelijk dat er gezocht gaat worden naar een oplossing waarbij ze op een plek terecht gaat komen waar meer constante zorg is, verhuizen dus.
Let op, ze loopt redelijk goed en zonder rollator, kan bijvoorbeeld met één hand een kop thee naar haar mond brengen, komt inmiddels redelijk uit haar woorden, maar loopt ergens gegarandeerd vast in woordvinding.
Haar geheugen is niet slecht maar ook niet 100%.
Ze is vrij uitdrukkingsloos in haar gezicht en doen en laten, maar er gebeurt een boel, zo verzekerde ze gisteren aan de huisarts met wie ik samen met haar een onderhoud had over die nabije toekomst.
We zijn het met elkaar eens over het te volgen pad.

Gelukkig zijn er door mij persoonlijk geïnformeerde oude vrienden, bekenden en buren die haar naast directe familie inmiddels bezoeken, iets wat in het begin vanwege corona enorm beperkt was en van allerlei protocollen aan elkaar hing.
Daar weet m’n moeder eigenlijk helemaal niks meer van, niet eens onhandig.
Inmiddels mag ze onder begeleiding ‘even’ op/neer naar haar huis zodat ze ziet en voelt dat het daar onveranderd is.
Als iemand uit het Roosendaalse hier ‘iets’ mee zou willen of kunnen, meld dat via een persoonlijk bericht aan mij graag.
Verdere blijken van medeleven worden zeker gewaardeerd, maar ik ga niet op alles reageren.
Eerlijk gezegd heb ik bewust zo lang gewacht met het melden van deze complexe en onwenselijke toestand om eindeloos en ongetwijfeld goed bedoeld social media verkeer te vermijden. En dat is ook omdat er vanaf het eerste moment voor mij méér dan genoeg 1 op 1 te communiceren is geweest met alle hierboven genoemde betrokkenen.
En die vorm van ‘real time’ constructief communiceren is voorlopig nog niet voorbij.

Gisteren draaide op het ‘in huis muziek systeem’ van het revalidatie centrum ‘Pick Up The Pieces’, en een paar weken geleden toen ik binnen wandelde ‘A Real Mother For Ya’.
Best apart.

Rond fladderende monddoekjes…

Juli 2020…

Er vallen me in de eerste uitwaaier van corona (in ons kleine Nederland) een paar dingen op.
Hopelijk blijft de 2e golf uit en hoeven we niet te wachten op een 2e uitwaaier…
Monddoekjes fladderen inmiddels over straat zoals plastic zakjes en over WC papier hoor je niemand meer.
Shoe disaster H. de Jonge wordt toch ook iets te blij van zichzelf.
Ik mis de voetbal nauwelijks, maar het huggen/knijpen/zoenen met goed volk des temeer.
Na Johnson en Bolsonaro mag het virus nog wel op/in wat types neerdwarrelen. Noem geen namen want ik hoop ooit toch Amerika nog wel een keer in te kunnen.
Op één dag zijn de economische prognoses bij het ene instituut rampzalig en vallen ze bij het volgende instituut weer reuze mee.
En daarover kwekt de media de ether dan weer vrolijk vol.
Allemaal krijgen ze rond de 22e van de maand gestort, rekenhelden en mediamensen, en momenteel ook vakantiegeld. (Nog nooit meegemaakt, vakantiegeld)

De ondernemers die ik spreek zijn nog immer zeer verontrust maar geven ook vaak zelf aan – eerlijk is eerlijk – altijd over het vele belasting betalen te hebben geklaagd terwijl ze nu wel snappen/voelen dat het goed is om nu in Nederland ondernemer te zijn met alle overheidssteun.
Een onderneemster met 100 mensen in vaste dienst had het over het begrip dat ze vanwege het uitstellen/uitsmeren van vakantiegeld betalen wél ‘volle bak’ van de oudere medewerkers kreeg, maar van de jongere in mindere mate.
Millennials noemen we dat.
Gisteren heb ik de laatste van de 3 uitzendingen over Srebrenica gezien, onwaarschijnlijk wat daar gebeurde, ben er nog ontdaan van.
OK, ik snap het, griezelig cynisch, en natuurlijk hoop ik van niet, maar moet er ook hier weer eens door mensen aangerichte kolossale destructie plaatsgrijpen voordat er wat ogen open gaan bij types die verworven rechten op comfort claimen zonder daarbij behorende opbouwende prestaties?
En daarbij m.b.t. wezenlijke verantwoordelijkheden liefst om zich heen kijken…
Mensen die over hun eigen geld gaan praten altijd anders.
Er zijn aardig wat piepende zzp’ers, zeker ook collega’s in de muziek, die aandacht vragen voor hun misére terwijl er bij een aantal naar mijn waarneming vrij onverstandig financieel beleid is geweest in tijden van relatieve voorspoed.

Toen ik een jaar of 23 was en al volop aan de bak zei eens iemand ‘Pas op, stel je levensstijl nu niet naar omhoog bij nu de inkomsten oplopen, hou altijd een forse reserve aan als het kan, pas op voor overmoed’.
Dit is 35 jaar terug.
Al vanaf de fase waarin ik voor mezelf denk luister ik in principe naar iedereen maar naar slechts een handvol mensen goed. (Geldt ook voor aanmerkingen én complimenten over m’n spel!)
Overigens was ik op m’n 17e het huis uit en daarmee keurig alleen verantwoordelijk voor alles wat ik wél én niet deed, en dus ook de daarmee samenhangende consequenties.
Trommelend en levensbeschouwelijk gaat dat écht goed luisteren in het begin van m’n leven in de muziek over bijvoorbeeld John Engels, Steve Boston & Martin Cohen.
Levensbeschouwelijk gaat dat over een enkel familielid en wat oudere vrienden, altijd mensen met meer algemene levenservaring dan ik.
Met de oudste en eerstegraads vrienden/vriendinnen van eigen leeftijd gaat/ging dat altijd over elkaar scherp houden door spiegelen, en dat graag met wat te eten en drinken erbij.
Dat zijn al 40/50 jaar dezelfde vrienden, allemaal buiten de muziek.
Mooi dat er nog een paar eerstegraads types bij zijn gekomen, op één na van buiten buiten de muziek.
M’n paspoort staat op zielsniveau voor 100% op naam van de muziek, maar de indentiteit van de alledaagse mens Jeroen hangt er gelukkig niet vanaf.

En dan is er corona en ben ik als zelfstandige ineens zonder inkomsten, net als zovelen.
Een ‘game changer’ van ongekende orde.
TOZO hielp, maar nu niet meer.
Voor de 2e ronde wordt immers de vermogenstoets – ja/nee spaargeld etc. – en partner inkomen meegenomen.
Dat maakt me kansloos.
Ja, m’n partner heeft (gelukkig) een inkomen.
Ook heb ik ‘vermogen’, lees spaargeld waarvan ik al jaren nét doe alsof het niet bestaat.
Ooit bijvoorbeeld ook een keer een extra garageplek gekocht van ‘overtollig’ spaargeld en die verhuur ik dan weer.
Je loopt er niet van binnen, maar het helpt.
Die huur werd trouwens wel weer van TOZO afgetrokken.

Verder draag ik oude (schone) onderbroeken, werd de 9 jaar oude ‘nieuwe’ auto van vorig jaar cash betaald (uiteraard per bank), wordt na elk kroegbezoek meteen betaald, heb ik geen tattoos, heb ik nog nooit een nieuwe iPhone gehad, worden kleren/schoenen afgedragen en wordt er niet op vakantie gegaan als het niet ‘makkelijk’ kan enzomeer…
In het verleden heb ik nog wel eens onredelijk veel geld aan horloges -enig overgebleven puberaal materialistische afwijking- uitgegeven, maar dat is al zeker 14 jaar niet meer gebeurd.

Praktisch is m’n leven qua ‘inkomen en zekerheden’ pas 40 jaar totaal ongewis.
Zowel in mentaal als financieel opzicht is er nooit ‘duidelijkheid’ geweest, prognoses zijn nog nooit uitgekomen.
Nooit grootverdiener geweest.
Ik ken niemand die voor de financiën zzp-end muzikant is geworden, kan aan mij liggen…
Die onzekerheid is dus al die tijd al een zekerheid en daarmee volledig vergroeid met de mindset. You never know what is next.
Wat nu gebeurt is niet meer dan een extreme variatie op een thema waar ik al m’n hele muzikanten leven mee opsta en neerplof na wéér een onvoorspelbare dag op weg naar de volgende.

V.w.b. aanvullende overheidssteun had ik er misschien beter een potje van kunnen maken, maar ik ben blij dat dat niet gebeurd is, ook voor m’n meisje trouwens.
Ik ga vanaf nu zo ongeveer rustig aan waarschijnlijk wat ‘armer’ worden, maar zeker niet ‘rijker’, tenzij er wondertjes gaan gebeuren natuurlijk.
Maar dat armer worden kan, er is geen paniek, en voorlopig ook niet.
De hypotheek en al die andere lasten gaan voorlopig gewoon gedragen worden.
Ook de goede doelen die vriendjes in Suriname en Zuid Afrika runnen blijven gewoon gesteund worden met een bescheiden maandelijkse bijdrage.
De kerst halen we altijd, en daarna ook nog wel even.
Ik hoop niet teveel in te gaan teren, uiteraard…
Blij dat ik geen tattoo hoef, scheelt weer.
En ja, er komt weer wat op gang qua ‘gewoon’ werk, heerlijk.
Dat ‘werk’ blijft in samenhang met samenzijn met mooie types het mooiste wat er is.

_DSC1595Jeroen_bril_focusweb

Het NL racisme debat anno 2020…

Juli 2020…

Op zich zijn m’n meisje en ik – 38 jaar bij elkaar – niet druk in de weer met het huidige racisme debat.

We leven met ‘iedereen’ en maken een enkele keer zomaar snoeiharde grappen, zonder enig mededogen voor onszelf, vrienden, collega’s en ook gewoon familie enzo.

Onderling dus, en ook wel in zeer vertrouwd gezelschap, en overigens ook over homo’s, intellectuelen, Belgen, Belgische intellectuele homo’s etc., Molukkers, lange/korte/dikke/dunne mensen, hun reet, (geen) tieten, hoofddoekjes, rijke mensen, arme mensen, (on)gelovigen, weduwes, alcoholisten of wat er in het gedeeld geestelijk leven ook voorhanden is op dat moment.

Humor ter verlichting van de zwaarte van het bestaan.

Ikzelf wind me er (al jaren) wel degelijk enorm over op, racisme en anderszins verwerpelijke bevooroordeeldheid, inwendig dus, en dat terwijl ik in de ogen van sommigen in de ‘triple A’ bedenkelijke hoek zit: witte 50-er, westerse man…

Is het schuldgevoel? Sorry dat ik besta? Bewonderenswaardige betrokkenheid bij ons allen, onze soort, de apen met een overspannen verwachtingspatroon?

Geen idee, anders dan dat ik ook maar gewoon in ‘De Mallemolen Van Het Leven’ aangeleverd ben zoals ik er nou eenmaal uit zie.

Laatst zaten we samen in de auto op weg naar m’n schoonvader en op Radio 1 ging het weer eens over al dan niet institutioneel en stelselmatig racisme in ons mooie Nederland.

Ergens had een ogenschijnlijk verstandige meneer het bij het opnoemen van e.e.a. aan wetenswaardigs en verwerpelijks terloops over ‘mensen met een andere kleur’.

We keken elkaar rustig aan als in ‘Hoor jij dat nou ook?’.

Tja, een andere kleur dan de kennelijke norm, wit.

We zijn er nog niet.

Eenzaam…

02-03-20…
Daarnet uitzending gemist bekeken van ‘Kijken In De Ziel’ van Coen Verbraak, interviews met toptrainers in dit geval, van een aantal jaar terug, dat wel.
Sowieso erg interessante TV, die reeks interviews van Coen, wat mij betreft dan. (Maar even niemand voor het hoofd stoten zo aan het begin van de week, vorige week al genoeg beleefd)
Militairen, psychologen, ondernemers, rechters en nog wel meer kwam aan bod in zijn reeks, TV waarbij het tempo een beetje in bedwang gehouden wordt.
Toptrainers dus, in het voetbal wel te verstaan; Van Gaal, Van Marwijk, Hiddink, De Haan, Van Hanegem, Adriaansen, Beenhakker…
Bij het onderdeel ‘eenzaamheid binnen je beroep’ kwam ik ineens bij mezelf uit.
Alleen Hiddink ervoer het niet als eenzaam.
In hoeverre is ons/mijn beroep, ZZP’r, free lancer, ‘loodgieter in de eredivisie’ – persoonlijke omschrijving die ik regelmatig hanteer om te omschrijven dat ik mij zie als een ambachtsman – eenzaam?
Ook in het licht van de vorige post kom ik onmiddellijk uit bij het voor mij persoonlijk enorme belang van oude vriendschappen hebben, die van vóór ‘de muziek’, dus van vóór dat ik 15/16 jaar was en het roer godzijdank al omging naar ‘de muziek’.
Vanaf ongeveer die tijd konden school en andere zaken als sport me steeds minder boeien.
Geld ging naar trommels – eerst naar een ‘normaal’ drumstel trouwens – en niet naar brommers, ook toen al dure merkkleding en zaken als cola tik in de discos.
Gewoon bier drinken is er overigens aardig ingesleten vanaf die tijd.
Dromen van optreden in Paradiso, daar kwam het op neer.
Iets met je stoer voelen terwijl je geen idee hebt wat het allemaal impliceert.
Ik had en heb vriendschappen van voor de trommeltijd.
Overigens ben ik enig kind, dus geen organische broeder/zuster band.
En ja, er is er maar één met wie ik al iets van 38 jaar dagelijks mag meemaken wat onvoorwaardelijke liefde is. #umag1keerraden
Inmiddels ken ik ongeveer 1159 muzikanten, artiesten, managers, techneuten, directeuren, secretaresses, make-up mensen, fotografen, roadies, security mensen, A&R types, instrumenten handelaars, fabrikanten, cateraars, taxi chauffeurs en allerlei andere belangwekkende persoonlijkheden die ‘the so called music business’ zo enerverend maken, en dat in binnen-, én buitenland.
En da’s los van alle ‘zogenaamde vrienden’ binnen ons alles FB, Insta etc..
Met hoeveel van die ongeveer 1159 mensen heb ik dan door de afgelopen 40 jaar een wezenlijk persoonlijke band?
Eentje waarbij nooit een andere agenda bestaat dan elkaars welzijn, met nog steeds muziek als startpunt in elkaars levenswandel.
Je voelt het komen, ze zijn op één hand te tellen.
Met een beetje fantasie twéé handen.
Het slechte nieuws?
Vluchtige en opportune wereld, dubbele agendas, domme dan wel naïeve romantici die toevallig alleen hun eigen doel voor ogen hebben, schijnoprechtheid, geldgedoe, sowieso regelmatig zielige tarieven, slecht eten en nog zo wat.
Het goede nieuws?
Heel veel geweldige muziek, interessante types, super intense momenten, veel humor, onalledaagse intelligentie (al dan niet coherent), heerlijk eten, veel van de wereld zien, en veel collegiale vriendschappen als je eenmaal weer eens samenwerkt.
Prachtig om met relatief veel super getalenteerde fanaten, op het manische af, te maken te hebben zonder dat je ‘last’ van ze hebt.
Ik ben veel mensen veel dank verschuldigd.
Er zijn er een paar die daadwerkelijk wel eens voor me opgestaan zijn, zoals ik hoop dat ook wel eens gedaan te hebben.
‘Je doet niet snel een diepte investering door goed te zijn voor mensen’ zei eens een collega terecht.
Een paar types hoef ik niet echt meer zien, en voor een enkeling werk ik alleen als er vooruit betaald wordt (dus nooit meer).
Waar ik ook wel content mee ben is het besef, dik 10 jaar rustig binnen gezwommen, dat ik hoe dan ook muzikant ben, trommelaap, of ik nou wel of niet speel.
Dus (niet spelende) muzikant woont samen, zit op racefiets, in kroeg, kijkt naar VPRO, of voetbal, loopt door Jumbo voor dagelijkse boodschappen, ergert zich aan het nodige, doet boekhouding, ruimt vaatwasser uit, veegt dagelijks z’n hol af…. dat werk.
Al die tijd is het een alledaags mens die muzikant is, en niks anders.
En dat musiceren zélf – ja, het mooiste wat er is – komt heus wel weer.
Het is het geluk hebben intrinsiek gemotiveerd te zijn, van binnen uit moeiteloos gemotiveerd, echt mazzel.
Ik trek ook graag op met muzikanten bij je ouwehoerend helemaal vergeet hoe goed ze zijn op hun instrument, ken er gelukkig een boel.
Dan hoef je het er ook niet steeds over te hebben.
Het is een beetje als omgaan met diep gelovige mensen – en dat gebeurt ook – zonder dat dat diepe geloof er af spat.
Als je het voor jezelf doorvoeld weet kun je weer gewoon door, met alles en iedereen.
Zonder de ‘no matter what people’ buiten de muziek had ik zomaar ergens verward om me heen kunnen zitten kijken, eenzaam, en zonder de bankrekening van een toptrainer.
Met de ‘no matter what people’ binnen de muziek wil ik nog graag een tijdje door, op podium, in studio of gewoon in de kroeg.
Sowieso interesseert het met ‘ja/nee in een goede zone zitten’ me steeds meer, waar dan ook, wel of geen muziek in de buurt.
Dat zit in de sfeer van ‘Het is vandaag maandag, niet meer en niet minder, voor alles en iedereen, stroomt er energie of stagneert ‘ie?’.
Uiteindelijk ben ik nog nooit iemand tegen gekomen bij wie het leven precies is gegaan zoals hij/zij dacht, bij mij zeker ook niet, dus probeer ik maar goed in de gaten te houden of ik – even soort evolutie theorie, ‘we zijn apen met een overspannen verwachtingspatroon’ – op een goede tak in het juiste deel van het bos zit, in de buurt van het goede fruit.
Goede vriend van buiten de muziek zei eens ‘Je moet er eigenlijk voor zorgen dat het toevallig goed gaat’.
Dat ging letterlijk over het inrichten van een zeer complexe IT-omgeving, zijn business, maar ik vind het sowieso wel een aardige gedachte om een beetje mee te stoeien.
De foto is van een molen in Delft waar ik vrijdag laat langs liep om m’n auto na dat heerlijke optreden voor studenten met Palestijnse zangeres op te halen uit een ‘vrij parkeren zone’.
Het leven is al duur genoeg.
Het iPhonetje stond op B&W, kennelijk.
Tot zover de maandagavond in Amsterdam Oost.
IMG_5665Molen_Delftweb

Prof. Dr. kinderkanker de wereld uit in 5 jaar…

02-01-2020…

Gisteren stonden we traditiegetrouw weer in onze ‘kroeg der kroegen’, Papeneiland.
Meesterlijke accordeonist én maat André Vrolijk speelde wederom de sterren van de hemel, alweer iets van de 23e achtereenvolgende keer op 1 januari.
Mijn meisje zong er ook weer twee, en hoe! O.a. haar standaard ‘Summertime’.
We zoenen, we lachen, we lullen, vooral met (hele) goede bekenden zonet gewoon vrienden, mensen gaan zingen en André begeleid ze allemaal zonder blikken of blozen.
Allemaal het ‘Amsterdamse repertoire’, van ‘Oh Johnny’ t/m ‘Zij Gelooft In Mij’ enzovoorts.
Iedereen zingt mee, en ik niet.
Ik kom er nou zo’n 38 jaar, en samen komen we er iets van 37 jaar.
Gisteren zomaar wat mensen gesproken die ik er nog nooit gezien had, en uitvoerig gesproken ook.
– een half Antilliaans/Amsterdams-Joodse hele brede meneer van 66 die behalve 3 jaar commando in Roosendaal – waar ik opgroeide – , ook nog ff 3 jaar portier op het Leidse Plein was.
Type ‘Jerommeke’, maar dan een licht bruine variant, worstelaar ook, heet Gerrit.
‘Amsterdam is thuis, weetje?, ik ben overal geweest maar Amsterdam is gewoon thuis! Jammer dat het ook in onze stad steeds meer om het grote geld gaat, dat de hogere machten daar niks aan doen’.
– aardige dame, voor het eerst meegekomen met goede vriend, die het hele gebeuren verwonderd en vol plezier aanzag, terwijl ze naar mijn pseudo psychologisch-filosofisch gelul luisterde en ik niet wist dat ze psychiater is.
Ze zei op een gegeven moment ‘Wow, ik zou willen dat ik dit gesprek had opgenomen’.
– een aardige vent die van iemand had begrepen dat ik goed ben qua trommelen.
Van daaruit een leuk gesprek over ‘alles’, waarbij best een boel te delen was want hij bleek een jaar jonger dan ik, generatiegenoot dus.
Ondertussen stevig doordrinken en ik na een boel opscheppen dan maar eens vragen wat hij eigenlijk doet.
Prof. Dr. kinderarts oncoloog die het zich met wat mensen tot het niet waarschijnlijk haalbare doel – zijn woorden – heeft gesteld om binnen 5 jaar kinderkanker uit de wereld te hebben.
– een Marokkaan met grote 70-ties bril en stoer vliegeniersjack die met 2 nogal mooie Caraïbische dames later op de avond binnen kwam en de organisator bleek van een van de grootste Latin festivals die we in Nederland hebben.
Toen ik m.b.t. die muziek meteen de naam van Gilberto Santarosa noemde begrepen ze dat ik het begreep.

En dat dus los van al het heerlijke gelul met oude bekenden, en ook dat zijn mensen van ‘all walks of life’, van bajesklant tot KLM captain op zo’n heel groot vliegtuig.
Oh ja, en niet verder vertellen, maar de shoarma in klein comité na afloop was ook weer onvergetelijk.
Niet te vaak doen, shoarma, maar op zo’n moment vooral wel.
Nog even helpen met het sjouwen van André’s spullen en een soort van rechtdoor weer naar Oost fietsen, door de kou en een stad die nog steeds doordesemd is van vuurwerk meur.
Stel je voor dat je zo’n avond weer eens naar het geouwehoer van allerlei BN’rs en over betaalde presentatoren had zitten kijken, of een of andere domme serie?
En ja, ik heb godzijdank een kater!

IMG_4798Tiel_shoarmaweb

Gore fijnroetstofcrimineel…

(Dit bericht is ‘praktisch’ achterhaald want auto op plaatje is reeds gekocht en rijdt vrolijk rond)

Als er nou niet heel snel iemand met een briljant voorstel komt voor een super toffe auto van minimaal het niveau op de foto, inclusief inruil van m’n Top Mercedes C220 CDI, dan koop ik deze.
Dat briljante voorstel mag komen vanuit medelijden dan wel bewondering voor alles waar ik voor sta, het maakt me geen reet uit.
Mooi dat ze ‘m alvast gepimpt hadden voor me, deze B Klasse benzinebak, daardoor is ‘ie al bijna van mij. (Geintje)
Op de oude zit nog anderhalf uur APK.
Verder is ‘ie klaar voor de volgende 200.000 km’s, maar ik word er uit gepest vanwege dieselschande.
Ik rij gemiddeld (!) bijna 1 op 20 en word continu voorbij geraasd door TestosterTeslas en andere geile toetoets die het milieu alleen maar vooruit helpen, zo lijkt het.
Ik denk namelijk snel maar handel en zéker rij over het algemeen langzaam, behalve als er getrommeld wordt dan. #jeweettoch
Electrisch is het heilige woord, de gospel van de energie neutrale vooruitgang.
Maar goed, ik ben dus een verwerpelijke ZZP-ende gore fijnroetstofcrimineel die in deze fase vele DUIZENDEN Euri’s achteruit gezet wordt vanwege het window dressing beleid van onze overheid, bestaand uit opportune fatsoenrakkers die voor hun eigen situatie helemaal niet over dit soort problemen, laat staan de financiële consequenties hoeven na te denken.
Aan het eind van de maand worden er steeds weer knaken in overvloed gestort, waarbij prima pensioenopbouw een vanzelfsprekende bijzaak is.
Ze hebben geen idee wat wij (free lance) musici meemaken, en tegen wat voor tarieven.
De elektrische wonderbakken worden meestal bestuurd door druk in (uiteraard ook) volledig energie neutrale witte bluetooth pijltjes lullende vooruithelpers van onze – laat me niet lachen – aarde, en taxi chauffeurs zonder stropdas.
Gelukkig wordt voor Schiphol gezocht naar manieren om méér én tegelijk ‘groener’ te gaan vliegen dus daar gaan wij en de bloemetjes/beestjes de milieu winst zeker nog van meemaken. #kissmyyouknowwhat
Om het verhaal rond te maken kan ik nog melden dat het feit dat ik me niet heb voortgeplant de meest energie neutrale situatie oplevert die voor te stellen is.
Na mijn zondvloed vervuil ik niks meer en kan de planeet in gebalanceerde energieneutraliteit vrolijk verder.
#hartelijkdankentotziensbeiUthois

Steve Boston, mentor…

Vandaag is zijn verjaardag.
Hij zou 84 jaar oud zijn geworden.
Op 2 weken na is 2 jaar geleden meester (hand) drummer Steve Boston gestorven.
Toen al wist ik dat ik iets ter nagedachtenis zou gaan schrijven.
Het kwam er niet van, in het begin vooral omdat het me te zeer emotioneerde.
Later vanuit het besef dat het er écht wel een keer van zou komen.
Nu dus.

Steve is een van de allerbelangrijkste mensen in mijn leven als het gaat om de ontwikkeling als muzikant en vooral ook als mens.
Meester drummer John Engels, gelukkig nog bij ons, is een andere man die bepalend is geweest in het zelfde kader.
Maar van Steve leerde ik ook nog de basispatronen voor congas, bongos en timbales, in 3 lessen om precies te zijn.
En ook hoe hoe m’n handen te gebruiken, oftewel m’n basistechniek.

Van m’n 17e t/m 19e paste ik in Roosendaal op de bungalow van Jack van Poll, welgesteld zakenman en hoog niveau amateur jazz pianist die naar België was verhuisd na de verkoop van z’n bedrijven.
Hij speelde regelmatig met ‘de groten’ waaronder voornoemde John Engels, maar ook Toots Thielemans bijvoorbeeld.
Ik ging heel vaak mee om z’n piano te sjouwen en ontmoette zo al jong ‘groten’.
Voor een lokaal 2 daags jazz festival – 40 jaar geleden – werd ‘ene’ Steve Boston uitgenodigd als gastsolist.
Ik kende hem niet en dacht dat het om een Amerikaan ging.
Het bleek een Surinamer uit Almere te zijn.
Jack had bedacht dat het voor mij, maar ook voor Steve, een goed idee zou zijn als hij dat weekend bij mij in de bungalow zou logeren.
Aangezien Steve met de trein ging komen heb ik ‘m gebeld om aan te bieden dat hij op mijn nét aangeschafte super profi congas mocht spelen.
Dit ter voorkomen van gezeul met die loodzware dingen.
En toen wist ik nog niet eens dat Steve de magerste man zou zijn én blijven die ik ooit persoonlijk gekend heb.
Hij maakte er dankbaar gebruik van.

Ik had van jeugdidool Nippy Noya al geleerd hoe je hét basisritme voor congas – ‘tumbao’ – moest spelen, nog vóór ik zelf congas had.
Dus had ik die 8 slagenwisselingen al op m’n knieën ingestudeerd, zonder ‘sound’.
Eenmaal in het bezit van echte congas ben ik maniakaal gaan meppen op die dingen, met blaren en pijn als gevolg.
Steve nam me meteen onder handen, letterlijk, en heeft er daardoor voor gezorgd dat ik al 40 jaar lang met een goede – al zeg ik het zelf – techniek speel zonder dat m’n handen kapot zijn gegaan.
Vanaf die dag heeft Steve me letterlijk onder zijn hoede genomen.
Ik kwam al regelmatig in Amsterdam en ben nog 2 keer naar Almere gegaan voor vervolg lessen, bongos en timbales.
Daar leerde ik z’n vrouw – ‘Zeeuws Meisje’ – Gonny en dochters Joyce en Sylvia kennen, en ook Steve’s moeder en andere familie leden.
Er was ook nog een zoon, ook Steve, bij een andere vrouw, maar die heb ik pas veel later leren kennen.
Er kwam ongevraagd advies:
’Luister neef, je bent een sterke fanatieke jongen met een hele grote mond.
Als je echt verder wil als percussionist zul je naar Amsterdam moeten gaan, maar dan kom je in een heel andere wereld terecht en zullen bepaalde mensen, waaronder een deel van mijn donkere broeders, je niet mogen.
Die zullen jouw persoonlijkheid niet trekken.
Maar trek je daar niets van aan, doe je eigen ‘ding’’.
Dat dus tegen een 17 jarige…. geen idee waar hij het over had, tot een paar jaar later….

Op m’n 19e ging ik, iedereen in vertwijfeling achter latend.
In hoeveel sloten zou ik terecht komen met die grote mond?
In welk deel van het muzikanten riool zou ik stranden?
We bleven onregelmatig met elkaar in contact waarbij de bezoekjes aan Almere altijd gepaard gingen met ‘home cooked soul food’ van de eerste Surinaamse orde.
Ik sprak van ’roti from heaven’, hij moest er om lachen.
Altijd waren er de verhalen over ‘zijn tijd’ als muzikant, en letterlijk ook als ‘exoot’, donkere man in een witte wereld.
Van discriminatie had hij geen last, althans daar getuigde hij naar mij toe niet van.
‘Weet je neef, je kent het gezegde: met de hoed in de hand komt men door het ganse land’.
Altijd waren er super dunne zelf gerolde shaggies.
Altijd was er support.
‘Neef, je hebt jezelf nu op de kaart gespeeld, blijf in je eigen baan, laat je niet gek maken’.
Ik had al snel verkering met mijn Julia.
‘Molukse vrouwen zijn heel lief neef, en ze koken heerlijk, maar maak ze niet boos’.
‘Als het ooit mis gaat, weet dan neef, je bent hier altijd welkom, er staat voor jou altijd een bed klaar’.
Altijd ging het over vissen – liefst in de gierende kou op zee – en jagen.
‘Zorg dat je goed vlees hebt, dan ga je de kracht van dat beest over nemen’.
Altijd werd er geïnformeerd naar m’n vader én moeder, en naar Julia, voor wie er altijd ‘1000 zoentjes’ waren, ook bij ingesproken voicemail berichten.
Maar ook was er een maagzweer, naar eigen zeggen vanwege de drugsproblematiek waarmee een van z’n kinderen van doen had.
Gelukkig is ze voor z’n overlijden clean geworden, hetgeen voor ieders zielenrust goed is.

Het werk nam voor hem af, ook omdat er een nieuwe generatie was die kansen kreeg en pakte.
Ik ben er zelf een voorbeeld van.
Gelukkig heeft hij een baan aan het conservatorium gekregen.
Eindeloos vaak heb ik van allerlei muzikanten, ook niet percussionisten, gehoord wat een geweldige man hij was.
Altijd weer dat support en die positiviteit.
Hij kreeg een vreselijk brommer ongeluk door in de polder, verblind door het groot licht van een auto, tegen een lantaarnpaal te rijden.
Verbrijzelde schouder, maanden revalideren, niet meer kunnen spelen, en al helemaal niet op volle kracht.
Het was ook mentaal een enorme klap, geen trommelaar meer kunnen zijn.
Een bezoek aan hem in het ziekenhuis was ontluisterend, diep droevig.
Maar na een aantal maanden en eenmaal thuis:
‘Weet je neef, ik heb geleerd, van die Chinezen, dat je dat ding moet omarmen, er niet tegen vechten’. (Alsof ik wist welke Chinezen hij bedoelde)
Hij ging Tai Chi doen voor z’n balans.
Ooit liet hij me zien hoe bedreven hij er in was en sloeg me bijna een gebroken neus, maar dat terzijde.
Ik zei graag eens met ‘m naar Suriname te gaan.
Hij had niet veel behoefte om naar z’n moederland terug te gaan.
Wel is ‘ie met meester trommelaar Ponda O’Bryan naar West Afrika geweest om een trommel zomerkamp te bezoeken.
Van Gonny was ‘ie vanaf een bepaald punt gescheiden, maar ze onderhielden goed contact.
Helaas is zij relatief jong in dementie en daardoor in een instelling terecht gekomen.

Voor z’n 75e verjaardag heeft percussionist Jaime Rodriquez, ook een ‘discipel’, een geweldige surprise party voor Steve georganiseerd in het Bimhuis.
Hij was door z’n kinderen met een smoes naar Amsterdam gelokt en liep een bomvolle zaal in, de man die nooit aandacht voor zichzelf had opgeëist.
We hebben allemaal spelend een persoonlijke ode aan hem gebracht en afgesloten met een gezamenlijk slagwerk spektakel.
Het heeft hem tot tranen toe geroerd.

In de afgelopen jaren ben ik ook een aantal keer met andere percussionisten naar hem toe gegaan.
Hij vond de aandacht geweldig en hield niet op met verhalen vertellen.
Graag liet hij nog eens zien en horen hoe je ‘rumba’ speelt.
Ook ben ik nog eens mee geweest naar het ziekenhuis omdat hij iets aan z’n oog had.
Geweldig om te zien hoe hij steeds ‘de leukste patient van die dag’ wilde zijn voor het personeel.
‘Weet je neef, die mensen hebben een heel zwaar beroep’.

Ja, hij werd ouder, kwam in/rond 2014 een aantal keer met ernstige maag/darmproblemen in het ziekenhuis terecht, onderging zware operaties, was een paar keer op het randje, woonde een tijd lang bij dochter Joyce in om te herstellen.
Toen ik hem daar eens opzocht liep ‘ie vanwege z’n kouwelijkheid op Uggs, nogal een apart gezicht, die broodmagere beentjes in van die grote met bont omrande sloffen.
Hoe kon de magerste man van Nederland toch nog afvallen?
Uiteindelijk kon ‘ie weer terug naar z’n eigen huis aan het Middenhof 189.
Het was het 2e onderkomen in Almere waar hij als een van de eerste 100 bewoners was gaan wonen.

‘Alsjeblief neef, kom wat vaker langs. Weet je, ik ga er niet lang meer zijn’.
Maar ook lachend ’Ach neef, ik ben gewoon een versleten oude bosneger’.
Hij wilde het liefst dat ik een hele dag zou blijven, hetgeen er nou eenmaal niet steeds in zat.
Hoe dan ook werd er gegeten en eten mee naar huis genomen.
‘De volgende keer, neef, gril ik een olifant voor je en mag je pas weg als ‘ie op is’.
Had ik vaker naar ‘m toe moeten gaan, langer moeten blijven?
Ik sprak 2 jaar geleden op deze dag z’n voicemail in met het voornemen ‘m snel weer te zien.
2 weken later is ‘ie overleden zonder dat ik ‘m nog gezien heb.

Hij zag op tegen de dood.
Een hersenbloeding werd ‘m fataal, waarschijnlijk heeft ‘ie er weinig tot niks van meegekregen, zo mochten we begrijpen.
We hebben bij z’n uitvaart met z’n allen voor ‘m getrommeld in de aula van Westgaarde.
Hij lag er in z’n kist ‘relaxed’ bij, een mooi pak aan.
Eervol dat de foto op z’n kist er eentje was die ik gemaakt heb.

Ik denk dat hij trots was op mij en alle andere ’succesvolle’ percussionisten die hij onvoorwaardelijk en eindeloos heeft geholpen en gesteund.
En natuurlijk ook op z’n lieve kinderen die ‘m in de laatste fase met liefde hebben kunnen omgeven.
Ik hoor nog steeds z’n donkere stem, z’n Surinaamse accent.
Nog steeds voel ik hem, en alles wat ‘ie gegeven heeft.
Ook 2 jaar later emotioneert het wéér als ik aan hem denk of, zoals nu, over hem schrijf.
Gisteren nog maar heb ik aan een aantal mensen bij een winkeldemonstratie weer eens uitgelegd hoe je een tumbao speelt, Steve’s tumbao.

‘He’s in a better place now’ zeggen Boeddhisten dan.
Onvergetelijk mens, onze Steve.