Maandelijks archief: juli 2019

Eric Timmermans…

Eric…

Vandaag precies een maand geleden overleed, zoals velen weten, bassist, ondernemer en maatje Eric Timmermans, veel te vroeg, veel te ziek.
Hij werd maar 60.
Ik wist toen al dat ik er iets over wilde schrijven.
Uiteindelijk heb ik zowel spelend als ‘in zaken’ vele jaren met Eric van doen gehad.
Altijd met veel plezier en altijd zeer constructief en bereidwillig.
Met z’n ‘You Name It’ bedrijf deed hij vanaf dag 1 alle verloningen voor mijn bedrijf Baileo Music Productions.
Ooit zag ik dat we van zo’n 200 muzikanten rekeningen hebben gekregen, waarvan een goed deel van hem vanwege de verloning die hij dan voor ze deed.
Dat moeten honderden, zo niet duizenden verloningen zijn geweest in ongeveer 21 jaar.
Ook hebben we talloze keren live gespeeld en in de studio gezeten.
Hij financierde mee aan 2 albums die op m’n label zijn verschenen.

Vorig jaar bezocht ik Eric 3 keer 1 op 1, in september, oktober en december.
De eerste 2 keer was het in het ziekenhuis in Haarlem, de laatste keer was het bij hem thuis.
We spraken elkaar een aantal keer telefonisch en we deden nog een paar optredens.
In april vorig jaar speelden we bijvoorbeeld op de Luchtmachtbasis in Volkel, voor de officieren, paspoort mee, door een slagboom, mannen in uniform, dames in gala en wij in smoking.
‘We’ is, naast Eric en ikzelf, Jean Louis van Dam en Rebecca Lobry.
Zoals vaker gingen we carpoolen en zoals vaker vroeg hij of ik in zijn bus wilde rijden.
Hij was moe vanwege allerlei vormen van drukte en vond het relaxed als ‘ie even niet scherp hoefde te zijn.
Het optreden ging goed en ook op de terugweg reed ik.
Hij vertelde toen dat het niet zo goed met hem ging maar dat het allemaal wel goed zou komen, en dat ‘ie het vooral zelf op moest lossen.
In ieder geval – zoals een aantal jaar ervoor – een burnout voorkomen.
Dat moest nooit meer gebeuren.

Niet veel later ging het mis en is ‘ie letterlijk omgevallen om in een onwaarschijnlijk diep dal terecht te komen, fysiek maar vooral ook geestelijk.
Toen ik Eric in september opzocht in het ziekenhuis in Haarlem was ‘ie nog maar kort daarvoor weer ‘wakker’ geworden na een hele tijd geen idee te hebben gehad van wat er allemaal gebeurd was.
Daarbij was hij z’n geheugen over die ‘niet wakkere’ periode ook volledig kwijt.
Hij wist helemaal niet wat er allemaal wel of niet gebeurd was, zat in een rolstoel vastgegespt in een 5 punts gordel omdat ‘ie simpelweg niet op z’n benen kon staan en anders om zou vallen.
Ook van het samen met z’n vrouw naar het ziekenhuis gaan en z’n eigen intake ondertekenen wist ‘ie bijvoorbeeld niets meer.
Hij onderging meer dan 30 zogenaamde Electro Convulsie Therapieën (ECT), een zeer zware en belastende methode om de hersenen een soort van te ‘resetten’.
40 is sowieso het maximum dat er gegeven wordt, zo mocht ik begrijpen.
Ik had van een bevriende anesthesioloog al eens begrepen dat ze zo’n ECT alleen in zeer uiterste gevallen toepassen bij diep depressieve mensen bij wie niks anders meer werkt.
De aandoening heet catatonie en Eric had de zwaarste van 5 varianten, zo wist ‘ie te melden, letale catatonie.
Een zoekactie op Wikipedia maakte snel duidelijk dat het om een zeer ernstige aandoening gaat, een soort – mijn woorden – shock met als gevolg een werkelijk complete kortsluiting van de hersenen, waarbij het geheugen volledig op tilt gaat en ook lichaamsfuncties uitvallen. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Catatonie)
Je komt ook uit bij ‘Awakenings’, de film met Robin Williams en Robert de Niro, op basis van het boek van de meesterlijke Oliver Sacks. (https://en.wikipedia.org/wiki/Awakenings)
Dat gaat over ‘slaapzieke’ patiënten die met het medicijn L-Dopa uit hun catatoniese staat gehaald werden.
Toen ik Eric de eerste keer sprak was hij volledig coherent en vertelde bijzonder openhartig over het proces waar ‘ie op dat moment in zat, inclusief het enorme drama dat zijn ziekte en periode van niet ‘wakker’ zijn voor z’n gezin was.
Hij had zich in die periode erg vreemd en niet ‘des Eric’s’ gedragen, en dat vond ‘ie erg pijnlijk en beschamend, uiteraard naar z’n vrouw en kinderen.
‘Maar ik weet er dus niks meer van, deed het écht niet express en kon er ook echt niks aan doen’.
Hij was erg hoopvol over z’n herstel dat ook volgens de dokters ongekend positief verliep, zeker afgezet tegenover soortgelijke gevallen.
Op dat moment waren er nog intense therapieën, zware medicijnen en moest hij erg veel rusten, en aankomen want hij was enorm afgevallen.
Hij zat in Haarlem op een afdeling voor zeer zwaar depressieve mensen, niet zijn ‘soort’, maar het kon even niet anders.
Zijn leven moest deels over een andere boeg waarbij er minder stress zou zijn en er meer tijd voor muziek moest gaan komen.
Hij had erg veel gelezen over de aandoening en het mocht nooit, nooit, nooit meer zover komen.
Muziek was de beste therapie, zoveel werd weer eens duidelijk.
Het was op een eigenaardige manier een soort van gezellig zelfs.
Eric was ‘opener’ dan ik hem ooit had meegemaakt en verzegelde z’n appreciatie voor mijn bezoek steeds met echte ‘hugs’, ook iets wat nooit was voorgekomen.
Het bleef altijd bij stoere ‘high fives’ en welgemeend schouderkloppen.
Ik was erg ontdaan toen ik die eerste keer van Haarlem weer naar huis fietste, het was enorm aangrijpend om hem zo mager te horen en zien vertellen over het noodlot dat hem en zeker ook ‘hun’ getroffen had.
Van het optreden in Volkel wist ‘ie trouwens helemaal niets meer “Toen had ik het dus al”.

Maar hij herstelde verder en ging weer wat meer hooi op z’n vork nemen.
De bedoeling bleef meer spelen en minder bezig zijn met verloon zaken.
Zwager en zus hadden het bedrijf al ter hand genomen voor de alledaagse operatie, hij zou iets meer aan de zijlijn gaan opereren, meer adviserend.
Vooral ook ging het hem om de rust en het vertrouwen in z’n relatie en gezin herstellen.
Het abnormale gedrag en zijn volledig ongrijpbaar ziek zijn was immers voor iedereen een ’shock’ geweest, niet in de laatste plaats voor z’n vrouw.
Maar toch wel weer veel hooi op die vork, schnabbelen, ‘klassiek’ studeren en concerten organiseren…
Er kwam een paar maanden terug een genadeloze terugval, samenhangend met depressiviteit.
Niets hielp nog, geen medicijnen en ook die Electro Convulsie Therapieën niet.
Je hoort het allemaal als leek aan en grijpt in het duister voor wat betreft inzicht in wat er zich allemaal afspeelde in zijn hoofd.
En dan was er iets meer dan een maand geleden het punt dat hij nooit meer de oude zou worden.
Morfine opvoeren.

De uitvaart in Haarlem Noord was druk, erg druk, en er werd gespeecht en gespeeld.
Mooi gespeeld, uit het hart en dus ingrijpend gesproken, ook door z’n vrouw.
Natuurlijk waren er heel veel andere bekenden, al dan niet oude….
Ik had zowaar een van onze leukste en belangrijkste opdrachtgeefsters – een dame op stand en leeftijd – huilend in m’n armen.
We speelden 2 jaar terug op haar bruiloft.
De nazit in een mooie tent op het Zandvoortse strand was prima.
Ook daar weer live muziek, jammen, witte wijn, ik niet trouwens.
Prachtig weer, Eric kwam graag aan het strand.
Er waren ook veel vrienden van de 2 kinderen, erg mooi om te zien.
Ik heb die dag alles op m’n racefietsje gedaan, net als de bezoekjes in het ziekenhuis en bij hun thuis.
Voelde als een soort voltooien, je moet wat.
Ik denk elke dag aan Eric en hoor ‘m nog steeds praten.
Nog maar 2 jaar geleden onderzochten we serieus of we écht constructief en strategisch konden gaan samen werken om meer optredens vóór én mét ‘the right guys’ te zoeken.
Diverse koppen koffie en veel ouwehoeren, specialiteit van beiden.

Zolang iemand nog resoneert in je hoofd en in de gesprekken met anderen, is ‘ie er nog.
Maar ook weer niet, want dood is dood.
We zullen elkaar nooit meer zien en dat doet pijn.
Maar dan, wat een drama voor z’n vrouw, kinderen, beste vrienden en directe familie.
Het leven is soms zo meedogenloos, ik weet het al langer.
Niks mis met ouder worden, in sommige opzichten erg prettig zelfs.
Ik heb het gevoel dat ik nog beter kan doorgronden dat met name ook het goede nieuws niet vanzelfsprekend is.
Dat maakt genieten intenser.
Maar ‘ongewenste bijvangst’ is het vaker moeten meemaken van de dood van mensen met wie je leeft, leefde, om wie je geeft, gaf, die om jou geven, gaven.
Vriend Kees M., 74 inmiddels, zei ooit “Ja Meneer de Rijk, de dood went nooit”.
Dapper doorstappen maar weer en de mooie mensen die nu ‘in a better place’ zijn zo snel mogelijk met een glimlach gedenken.
Eric is/was er daar een van.

De foto is in 2015 gemaakt op een heerlijke avond in een jazzclub in Brabant.
V.l.n.r. Eric, Jean Louis van Dam, André Vrolijk en ik.