Columns Slagwerkkrant jaargang 2004

SLAGWERKKRANT jaargang 2004
——————————————–

Shoarma

Ik woonde op m’n 17e/18e/19e alleen en als antikraker in een waanzinnige bungalow van een naar België verhuisde meneer, die veel centjes had overgehouden aan de verkoop van z’n bedrijf en die niet teveel aan de fiscus kwijt wilde. Aangezien de man ook in de jazzmuziek actief was en goede contacten met de lokale overheid onderhield, had ‘ie het voor elkaar gekregen dat zijn straat de Duke Ellingtonlaan was tussen de klassieke grote jongens als Shubert, Mozart, etc in. Dit was in Roosendaal, alwaar ik de jeugd doorbracht. In die bungalow, gedrapeerd op 1600m2 met o.a. dubbele garage, 3 badkamers en verwarmd zwembad, had ik de beschikking over een futuristisch toilet dat was opgetrokken uit zwarte ronde stenen tegeltjes van ± 1 cm in doorsnee met middenin een futuristische vierkante witte plee met dito bril. Ook toen al vierde ik m’n verjaardag met slechts dierbarren, waarvan er nog steeds een aantal acte de présence geven op de avond in februari. En ook toen al werd ik stomdronken van bier onder deze zelf geregisseerde feestvreugde. Anyway, op een van de twee verjaardagen die onder die rijkeluisomstandigheden gevierd kon worden, speelde zich het volgende tafereel af: terwijl de ^die hards^ zich om 3 of 4 uur ‘s nachts nog verpozen, zit ik op die vierkante plee als een wolf twee broodjes shoarma te eten om te proberen het onvermijdelijke instorten nog wat uit te stellen. Eigenlijk en gelukkig gaat het al uren nergens meer over. ‘Wel gelachen’, zou ene Eijkenaar dan zeggen. Ik kreeg toen ineens het visioen dat ons leven vol is van weldaad en overvloed, en dat ik erg veel mazzel heb in deze tijd en op deze plek van de aarde (zo niet kosmos) geboren te zijn. Er is een overdaad aan alles. Het was waarschijnlijk m’n 18e verjaardag.

——————————————–

Jazz

Sinds kort woon ik, behalve met mijn leuke vriendin, ook samen met een G4 Powerbookje. Dit 12 inch duiveltje gaat zelfs mee naar bedje! Zodoende kun je nog ‘ns een columnpje (af)schrijven, een fotootje bewerken, een audiofiletje bewerken, een lijstje factuurtjes nalopen dan wel een ander digitaal brainstormpje laten gieren, terwijl mevrouw nog wat leest of bekijkt op het slaapkamertv-tje. Zo blijf je fysiek dicht bij elkaar terwijl de geesten in volledig gescheiden sferen verkeren. En dan zijn we nog nét niet aan een draadloos airport-infuusje verankerd, want dat komt eraan! Nou werd ik deze ochtend weer eens té vroeg wakker gebeld met de vraag om een telefoonnummer van ‘weetikveelwie’. In mijn roes realiseerde ik me nog nét dat het Powerbookje, tevens in slaapstand, naast het bed lag, zodat het gewenste nummer er binnen 10 secondes uitfloepte. Daardoor zag ik ineens een MP3-file van een Blue Note-lp/cd van Art Blakey, zodat ik ook verder wakker kon worden door deze file via de digitale speakertjes te laten uitspugen. Voor het eerst in jáááren hoorde ik weer ^The Blues March^ en ^Alone Came Betty^ etc… Wat een waanzinnig diepe, mooie muziek, waarbij ‘The Art Of Drumming’ een rustige glansrol wegtrommelt. En deze sfeer brengt me dan weer bij vorige week, toen mevrouw en ik in het Amsterdamse etablissement Bitterzoet waren voor een ouderwets late clubnight. Daar herhaalde een jazzy bandje, omringd door metershoge projecties van Blue Note-lp/cd-hoezen, funky jazz uit vervlogen tijden, waarbij het meest opmerkelijke verschil een (kennelijk broodnodige) dj was. Niet lang geleden was Bitterzoet ‘gewoon’ Jazzclub: De (failliete) Pompoen (‘pompoen of verzuipen’, bedacht ik al toen het openging). Jazz lukte op dezelfde plek wél en niet, ouderwets óf hip, analoog óf digitaal, authentiek én goedbedoeld nageaapt, whatever: Jazz is the shit!

——————————————–

Verwondering…

Alhier mijn laatste column. Aaaaahhhhhh… Waarom nou? Uw trommelkrant vond het welletjes. Wellicht had ik er een jaartje bij kunnen bedelen, maar dát talent ontbeer ik nu eenmaal. En we weten allemaal: trommelaartjes die vragen worden over-, én wat mij betreft ín de maat in elkaar geslagen! Deze column gaat over ‘verwondering’. Dát namelijk leidt tot hoe ik leef. Hoe werkt het? Het enige antwoord: géén idee! En neem maar aan dat er over nagedacht is. In deze charmante levensfase valt op dat ik spiritueel én alledaags handelend leef op lastig definieërbare impulsen. Dus het is niet zo dat ik ineens impulsief leef, maar dat ik onderken dat het altijd al zo was terwijl ik mezelf zicht op ‘orde d.m.v. ratio’ toeloog. Moeilijk gelul? Nee hoor, nou ja, voor u misschien… Door een mengelmoes van genetisch, geografisch en sociaal maatschappelijk toeval, daalde nog voordat ik me realiseerde dat ook ik maar gewoon mens ben een diepe verwondering voor grooves en muzikale kleuren in, trouwens samen met verwondering voor meisjes, hun specifieke kenmerken, (vermeend) wijze en hartverwarmende mensen, alcohol, wolkenhemels, horloges, mooie foto’s, ouwehoeren, humor en schurft aan autoriteit(en). Uit een wirwar van half ontleedbare feitjes heeft zich mijn bestaan ontsponnen, dat doorgaans leidt tot een gedreven waarneming van, en deelname aan het leven zélf, een doorgaande uitwisseling van voor ons wel én niet waarneembare energie, weet je wel. Verwondering is gelukkig nog steeds van eminent belang. Schoonheid in allesomvattende zin en menselijke warmte zijn ‘waar het om gaat’. Volgaarne wil ik nog lang verwonderd (maar niet naïef) waarnemen én deelnemen… Voelt als belangrijk… maar of dat het ook is… En of ons (menselijk) leven zin heeft… Zingeving zit ‘m in omgang met elkaar, met de natuur… We geven elkaar zin… dan voelen we ons welkom in de wereld… geloof ik… momenteel…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s